terugbezorgen - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- te·rug·be·zor·gen
Woordherkomst en -opbouw
- samenstelling van terug bw en bezorgen ww
Werkwoord
terugbezorgen [1]
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs | verleden tijd | voltooid deelwoord |
| terugbezorgen | bezorgde terug | terugbezorgd |
| zwak -d | volledig |
- weer brengen naar de plaats of persoon waarvan iets gekomen is
▸ 'Dan wordt het wel tijd,'zei ik, 'dat we Jim zijn fiets terugbezorgen.[2]
▸ Keen belooft "twee mooie, veel duurdere wedstrijdbatjes" te kopen voor degene die hem zijn geliefde batje kan terugbezorgen.[3]
Synoniemen
Gangbaarheid
- Het woord terugbezorgen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.