tobbe - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tobbe tobbestobben
verkleinwoord tobbetje tobbetjes

Zelfstandig naamwoord

de tobbe v / m

  1. een (houten) vat dat naar boven wijder wordt, teil
    • Hij had een verzameling tobbes in de achtertuin staan.
  2. een (gebakken en geglasuurde) aarden kruik met een voet, een vlakke bovenrand en 2 oren waar vlees in gepekeld werd om te bewaren in de kelder. Kon wel tot 100 liter groot zijn.
Vertalingen

1. een (houten) vat dat naar boven wijder wordt, teil

Werkwoord

vervoeging van
tobben

tobbe

  1. aanvoegende wijs van tobben

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "tobbe" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be