tweeterm - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tweeterm tweetermen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

de tweeterm m

  1. (wiskunde) een uitdrukking, bestaande uit twee eentermen, die gescheiden worden door het optelteken (+) of aftrekteken (-)
Synoniemen
Vertalingen

1. een uitdrukking, bestaande uit twee eentermen, die gescheiden worden door het optelteken (+) of aftrekteken (-)

Gangbaarheid

48 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be