vergelijk - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·ge·lijk
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | vergelijk | vergelijken |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
het vergelijk o
- minnelijke schikking
- De twee partijen troffen een vergelijk waardoor de crisissituatie werd verholpen.
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| vergelijken |
vergelijk
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vergelijken
- Ik vergelijk.
- gebiedende wijs van vergelijken
- Vergelijk!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vergelijken
- Vergelijk je?
Gangbaarheid
- Het woord vergelijk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "vergelijk" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 99 % | van de Vlamingen.[1] |
Verwijzingen
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be