vergelijk - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
enkelvoud meervoud
naamwoord vergelijk vergelijken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

het vergelijk o

  1. minnelijke schikking
    • De twee partijen troffen een vergelijk waardoor de crisissituatie werd verholpen.

Werkwoord

vervoeging van
vergelijken

vergelijk

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vergelijken
    • Ik vergelijk.
  2. gebiedende wijs van vergelijken
    • Vergelijk!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vergelijken
    • Vergelijk je?

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be