verlossen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
verlossen verlossend
verlossing verlost
Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
verlossen verloste verlost
zwak -t volledig

Werkwoord

verlossen

  1. overgankelijk (letterlijk) van ketenen bevrijden; (overdrachtelijk) vrij maken van iets schadelijks
    • Die behandeling verloste hem eindelijk van die vreselijke hoofdpijnen.
  2. overgankelijk (biologie), (medisch) een vrouw geneeskundig bijstaan bij de bevalling
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. daadwerkelijk of overdrachtelijk van ketenen bevrijden

2. een vrouw geneeskundig bijstaan bij de bevalling

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. verlossen op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be