verontrusten - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
verontrusten verontrustte verontrust
zwak -t volledig

Werkwoord

verontrusten

  1. overgankelijk ongerust maken, zorgen baren
    • De resultaten tot nu toe verontrusten hem nog niet.
Vertalingen

1. ongerust maken, zorgen baren

Duits: beunruhigen (de) Engels: disturb (en), disquiet (en) Frans: inquiéter (fr), alarmer (fr) Spaans: inquietar (es), preocupar (es), asustar (es)

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. "verontrusten" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be