vlot - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- vlot
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | vlot | vlotten |
| verkleinwoord | vlotje | vlotjes |
Zelfstandig naamwoord
het vlot o
- een drijvende constructie
▸ Met denkbeeldige oogkleppen op Veel bewoners van de benedendijks gelegen straatjes konden zondagochtend 1 februari, toen tijdens eb de dijk droog kwam te staan, met het eerste in elkaar geknutselde vlot van hun zolders worden gehaald.[4]
▸ Van wrakhout wisten de mannen een vlot in elkaar te timmeren en daarmee konden die dag verschillende buurtbewoners worden gered.[4]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. een drijvende constructie
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | vlot | vlotter | vlotst |
| verbogen | vlotte | vlottere | vlotste |
| partitief | vlots | vlotters | - |
Bijvoeglijk naamwoord
vlot
- gemakkelijk, eenvoudig, zonder veel problemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. gemakkelijk, eenvoudig, zonder veel problemen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| vlotten |
vlot
Gangbaarheid
- Het woord vlot staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "vlot" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 99 % | van de Vlamingen.[5] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑ "vlot" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ vlot op website: Etymologiebank.nl
- ↑ vlot op website: Etymologiebank.nl
- 1 2
Teuntje de Haan
“Een muur van water” (2018), Em. Querido's Uitgeverij
, ISBN 9789021409375 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be