vurig - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- vu·rig
Woordherkomst en -opbouw
- afgeleid van vuur met het achtervoegsel -ig [1], geschreven met één u volgens spellingregel 2.A
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | vurig | vuriger | vurigst |
| verbogen | vurige | vurigere | vurigste |
| partitief | vurigs | vurigers | - |
Bijvoeglijk naamwoord
vurig
- met brandende hartstocht
- Zijn vurigste verlangen ging daarmee in vervulling.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
1.
| Engels: ablaze (en), afire (en), aflame (en), aglow (en), ardent (en), full of zeal (en), lively (en), vivacious (en), zealous (en) | Spaans: ardiente (es), ferviente (es), fervoroso (es), impetuoso (es), ígneo (es) |
|---|
Gangbaarheid
- Het woord vurig staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "vurig" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 98 % | van de Vlamingen.[2] |
Verwijzingen
- ↑ vurig op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be