waterplas - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord waterplas waterplassen
verkleinwoord waterplasje waterplasjes

Zelfstandig naamwoord

de waterplas m

  1. natuurlijk, stilstaand waterbekken van niet te grote omvang, vijver, meertje
Verwante begrippen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be