werelds - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen werelds wereldser wereldst
verbogen wereldse wereldsere wereldste
partitief werelds wereldsers -

Bijvoeglijk naamwoord

werelds

  1. niet op het geestelijke, maar op de wereld gericht
    Ik keek. De gestrenge gevels met de arcades stuurden de blik met majesteitelijk gezag in de richting van de basiliek van San Marco, die met haar koepels en ronde vormen een bubbelend en bijna buitenaards contrast vormde met het wereldse machtsvertoon van het plein.[1]
    De abt vond het spotternij om die heilige ruimte te vullen met gezang voor zulk een wereldse geestelijke.[2]
Vertalingen

1. niet op het geestelijke, maar op de wereld gericht

Zelfstandig naamwoord

werelds

  1. genitief mannelijk van wereld, archaïsche vorm die in enkele staande uitdrukkingen voorkomt
Uitdrukkingen en gezegden

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen