zitvlak - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- zit·vlak
Woordherkomst en -opbouw
- samenstelling van zit ww en vlak
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zitvlak | zitvlakken |
| verkleinwoord | zitvlakje | zitvlakjes |
Zelfstandig naamwoord
het zitvlak o
- (anatomie) achterste, achterwerk
- vlak van een voorwerp waarop men kan zitten
Synoniemen
Vertalingen
1. achterste, achterwerk
| Duits: Gesäß (de) o Engels: seat (en), butt (en), backside (en), behind (en), bottom (en), buttocks (en) Frans: séant (fr) | Italiaans: sedere (it) Spaans: trasero (es) m, culo (es) m, nalgas (es) v /mv, posaderas (es) v /mv |
|---|
Gangbaarheid
- Het woord zitvlak staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zitvlak" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 100 % | van de Vlamingen.[1] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be