opdoen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
opdoen deed op opgedaan
onregelmatig volledig

Werkwoord

opdoen

  1. overgankelijk op de huid aanbrengen
    • Ze moest haar make-up nog opdoen voordat ze naar buiten ging.
  2. overgankelijk verkrijgen
Uitdrukkingen en gezegden

kennis vergaren

Zo controversieel als toen waren de onderzoeksvoorstellen van de criminoloog inmiddels al niet meer. Inmiddels is er veel kennis opgedaan op het gebied van genetica en neurowetenschap, onder meer op het gebied van mogelijke erfelijke factoren als het gaat over crimineel gedrag.[1]

door ervaring iets leren

Maar al snel ontdekte ik dat ik me juist niet eenzaam voelde, dat ik me helemaal niet verveelde en genoeg nieuwe indrukken opdeed om over na te denken. [2]

Vertalingen

verkrijgen

ervaring opdoen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen