trawant - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- tra·want
Woordherkomst en -opbouw
- Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘handlanger’ voor het eerst aangetroffen in 1510 [1] [2][3]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | trawant | trawanten |
| verkleinwoord | trawantje | trawantjes |
Zelfstandig naamwoord
de trawant m
- (persoon) handlanger (vaak niet positief bedoeld)
- (astronomie) bijplaneet, begeleider
Synoniemen
- [2] satelliet
Vertalingen
1. handlanger
| Afrikaans: trawant (af) Engels: henchman (en) Frans: complice (fr) m/v Italiaans: complice (it) m/v, scagnozzo (it) m | Spaans: compinche (es) m/v Zweeds: hejduk (sv) g |
|---|
2. satelliet
| Afrikaans: byplaneet (af), satelliet (af) Engels: satellite (en) Italiaans: satellite (it) m | Spaans: satélite (es) m Zweeds: drabant (sv) g, satellit (sv) g |
|---|
Gangbaarheid
- Het woord trawant staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "trawant" herkend door:
| 73 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 85 % | van de Vlamingen.[4] |
Verwijzingen
- ↑ "trawant" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ trawant op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Afrikaans
Uitspraak
Woordafbreking
- tra·want
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | trawant | trawante |
trawant