beek - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

beek

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beek beken
verkleinwoord beekje beekjes

Zelfstandig naamwoord

de beek v / m

  1. een kleine, ondiepe, doorwaadbare waterloop
    • De Doorbraak is een nieuwe kunstmatige beek bij Almelo.
      Een enkele keer was het aangegeven beekje opgedroogd of was de watertank leeg, zodat ik moest doorlopen naar de volgende bron.[4]
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. stromend watertje

Arabisch: غدير (ar) (ḡadīr) m Chinees: Mandarijns: 小河 (zh) Duits: Bach (de) m Engels: brook (en) Esperanto: rivereto (eo), rojo (eo) (poëtisch) Fins: puro (fi), oja (fi) Frans: ruisseau (fr) m Fries: streamke (fy) o, wetterke (fy) o Hebreeuws: פלג (he) m Interlingua: rivo (ia) Italiaans: ruscello (it) m Japans: 小川 (ja) (おがわ, ogawa) Macedonisch: поток (mk) m Nederduits: Beek (nds) m/o Noors: bekk (no) v/m, å (no) m Nynorsk: bekk (nn) m, å (nn) v Pools: strumyk (pl) m, potok (pl) m Portugees: regato (pt) m, riacho (pt) m, ribeirinho (pt) m Roemeens: pârâu (ro) o Russisch: ручей (ru) (ručéj) m Spaans: arroyo (es) m, riachuelo (es) Tsjechisch: potok (cs) m Zweeds: bäck (sv) g

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "beek" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. beek op website: Etymologiebank.nl

  3. Kroonen
    , Guus, Etymological Dictionary of Proto-Germanic, Leiden: Brill, 2013; blz. 48-49

  4. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be