vet - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen vet vetter vetst
verbogen vette vettere vetste
partitief vets vetters -

Bijvoeglijk naamwoord

vet

  1. rijk aan vet, vetrijk
  2. (voeding) veel voedende stoffen bevattend
  3. vuil door vet of olie
  4. goed gevuld dik, winstgevend
  5. door veel inkt, verf enz., dik en breed
    • De krant opende met een vette kop op de voorpagina over de gebeurtenissen.
  6. lijkend op iets vets
  7. (jongerentaal) gaaf, geweldig (ook zelf weer gebruikt als versterking van een daaropvolgend bijvoeglijk naamwoord)
    • Zijn nieuwe hit is echt heel vet.
    • Haar feestje was vet cool.
  8. modderig en slijkerig van natte grond
    • Onder zijn kistjes is de aarde vet, want het heeft de laatste dagen veel geregend. [6]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

ik ga even een vette bek halen

Vertalingen

1. dik, vet inhoudend

Albanees: trashë (sq) Arabisch: سمين (ar), تخين (ar) Armeens: գեր (hy), չաղ (hy) Deens: fed (da) Duits: dick (de), fett (de) Engels: fat (en), fatty (en), greasy (en) Esperanto: grasa (eo), korpulenta (eo), dika (eo) Fins: lihava (fi), läski (fi) (derogatory), paksu (fi) Frans: gros (fr) Grieks: χοντρός (el) Hongaars: kövér (hu) Iers: ramhar (ga) IJslands: feitur (is), þykkur (is) Italiaans: grasso (it) m, obeso (it) m, grosso (it) Japans: 太った (ja) Koerdisch: قه‌ڵه‌و (ku) Latijn: obesus (la) Lets: resns (lv) Noors: feit (no), fet (no), korpulent (no) Nynorsk: feit (nn), korpulent (nn) Portugees: gordo (pt) Russisch: жирный (ru), толстый (ru) Sloveens: debel (sl) Spaans: gordo (es), grueso (es), pingüe (es) Tsjechisch: tlustý (cs) Tyap: a̱pomporom (kcg) Welsh: tew (cy) Zweeds: fet (sv), tjock (sv)

5. door veel inkt, verf...

enkelvoud meervoud
naamwoord vet vetten
verkleinwoord [5] vetje [5] vetjes

Zelfstandig naamwoord

het vet o

  1. (biochemie) een groep van chemische stoffen bestaande uit verbindingen tussen glycerol en vetzuren
    • Vetten kennen we als gladde vloeistoffen en smeermiddelen.
  2. (biochemie) gespecialiseerd dierlijk weefsel
  3. (kookkunst) (voeding) dierlijke of plantaardige brandstof
  4. (techniek) als smeermiddel gebruikte substantie
  5. iets wat er dik uitziet
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

jaren met meer welvaart en minder werkloosheid en jaren met minder welvaart en meer werkloosheid

het werk gebeurt beter als de baas toezicht houdt

iemand niet helpen, maar zelf diens situatie laten ondervinden

iemand flink de waarheid zeggen

De Duitsers antwoordden. Aan Franse zijde duurde het niet lang of iedereen had zich verzameld. Ze zouden die klootzakken hun vet eens geven. Het was 2 november 1918. Het was nog niet bekend, maar de oorlog zou nog minder dan tien dagen duren. [7]

nog iets voor iemand tegoed hebben

leven van gespaard geld

als iemand te kieskeurig is, krijgt die wellicht te weinig eten

Vertalingen

1. gladde, zeer vette vloeistoffen, smeermiddelen

Afrikaans: vet (af) Albanees: yndyrë (sq) Arabisch: ‏دهن (ar) Atayal: siam, siyam, qano Deens: fedt (da) o Duits: Fett (de) o Engels: fat (en), grease (en), oil (en) Esperanto: graso (eo) Fijiaans: uro Fins: rasva (fi) Frans: graisse (fr) v, gras (fr) m, matière grasse (fr) v Grieks: λίπος (el) m Hebreeuws: שומן (he) Hongaars: zsír (hu) Italiaans: grasso (it) m Japans: 脂肪 (ja), 油脂 (ja) Koerdisch: چه‌وری (ku), rûn (ku), don (ku), nîvişk (ku), kere (ku), zeyt (ku) Noors: fett (no) o Nynorsk: feitt (nn) o Papiaments: sebu Perzisch: چربی (fa) Portugees: gordura (pt) v Russisch: жир (ru) m, жир (ru) m (jîr) Spaans: grasa (es) v, sebo (es) m Taroko: lícex Telugu: కొవ్వు (te) Tsjechisch: tuk (cs) m Turks: yağ (tr) Tyap: hya̱u (kcg) Xhosa: amafutha 6 Zweeds: fett (sv)

2. gespecialiseerd dierlijk weefsel

Werkwoord

vervoeging van
vetten

vet

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van vetten
  2. gebiedende wijs van vetten

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[8]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. Oudnederlands Woordenboek
  4. Oudnederlands Woordenboek
  5. vet op website: Etymologiebank.nl

  6. Lemaitre, Pierre
    "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 18

  7. Lemaitre, Pierre
    "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 14
  8. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Noors

Woordafbreking
Naar frequentie 46

Werkwoord

vet

  1. tegenwoordige tijd van vite
Schrijfwijzen

Nynorsk

Woordafbreking

Werkwoord

vet

  1. gebiedende wijs van vete
Schrijfwijzen

Zweeds

Woordafbreking

Werkwoord

vet

  1. tegenwoordige tijd van veta