blauw - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord blauwtje blauwtjes

Zelfstandig naamwoord

het blauw o

  1. (kleur) primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet
    • Dat blauw ziet er best mooi uit.
    • Blauw is de kleur van de hemel en de Middellandse Zee.
      Samen staan ze te wachten, hun blik gericht op de horizon, waarachter de stad en hun oude leven liggen, onder een hemel die gouden tinten en een nog dieper blauw verspreidt.[4]
Hyperoniemen
Uitdrukkingen en gezegden

iemand bont en blauw slaan

blauw zijn

een blauwtje lopen

een blauwe boon

blauwe kaas

zich blauw ergeren of zich bont en blauw ergeren

blauwbekken

blauw zien van de kou

alles blauw-blauw laten

blauwe bloempjes

blauw bloed

een blauwe maandag

blauwe maan

zich blauw betalen aan iets

Zwolse blauwvingers

blauw op straat

zo blauw als een tientje / zo blauw als een reiger

Vertalingen

1. primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet

Afrikaans: blou (af) Albanees: kaltërt (sq) Armeens: կապույտ (hy) Bosnisch: plava (bs) v Bretons: glas (br) Bulgaars: син (bg) m Catalaans: blau (ca) m Chinees: 蓝色 (zh) Deens: blå (da) Duits: Blau (de) o Engels: blue (en) Esperanto: blu (eo) Estisch: sinine (et) Fins: sininen (fi), sini (fi) Frans: bleu (fr) m Fries: blau (fy) Grieks: γαλάζιο (el), γαλανό (el), μπλε (el), κυανό (el), γλαυκό (el) Hawaïaans: polū Hebreeuws: כחול (he) Hindi: नीला (hi) m Hongaars: kék (hu) Iers: gorm (ga) IJslands: blár (is) Indonesisch: biru (id) Italiaans: blu (it) m, azzurro (it) m Japans: (ja) Koerdisch: شین (ku) Koreaans: 파랑 (ko), 파란색 (ko) Kroatisch: plava (hr) v Latijn: caerulus (la) Lets: zils (lv) Limburgs: blów (li) Lojban: blanu (jbo) Macedonisch: сина (mk) Malayalam: നീല (ml) Ambonees Maleis: biru (ms) Maltees: blu (mt), ikħal (mt), iżraq (mt) Nedersaksisch: blauw (nds), Blau (nds) Noors: blåfarge (no) m Nynorsk: blå (nn) o Perzisch: آبی (fa) Pools: błękit (pl) m Portugees: azul (pt) m Russisch: синий (ru), голубой (ru) Schots-Gaelisch: gorm (gd) Servisch:Cyrillisch: плава (sr) v Westers: plava (sr) v Sloveens: modra (sl) v Slowaaks: modrá (sk) Spaans: azul (es), celeste (es) Swahili: bluu (sw) Telugu: నీలము (te) Tsjechisch: modř (cs) v Turks: mavi (tr) Urdu: نیلا (ur) m Vietnamees: xanh (vi), xanh lam (vi) Welsh: glas (cy) Zweeds: blå (sv)
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen blauw blauwer blauwst
verbogen blauwe blauwere blauwste
partitief blauws blauwers -

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) de kleur blauw hebbend
    • Dat lijkt wel een blauw huis!
      Hij verscheen in een mooi beige pak, met daaronder een blauw overhemd, dat afstak bij zijn donkere haar en hem een ongelooflijk elegante uitstraling gaf.[5]
      Midden in de nacht schrok ik wakker doordat de deur met een klap opensloeg. Twee jongens sprongen verschrikt de hut in, een hoop commotie veroorzakend. Ze waren naar buiten gegaan om te plassen maar werden daar plotseling omringd door een blauwe lichtbol.[6]
  2. (maatschappij) zijnde een Indo of van (gedeeltelijk) Indonesische of Europees-Indische afkomst
    Doch ook daar moeten zij lijden door den vloek hunner geboorte; terwijl voor den gegoeden sinjo alle rangen tot de hoogste toe open staan, is de arme bastaard gedoemd om tal van vernederingen te verduren. Scheldnamen als: »blauwe vent, lekkerpieper, zwart mormel, klipsteen, zwarte aap, blauw lijk”, zijn er schering en inslag; en de beleedigde moet al die krenking stilzwijgend verkroppen om erger te voorkomen.[7]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

1. de kleur blauw hebbend

Afrikaans: blou (af) Albanees: kaltër (sq) Arabisch: ازرق (ar) Armeens: կապույտ (hy) Bosnisch: plav (bs) m Bretons: glas (br) Bulgaars: син (bg) m, синя (bg) v, синьо (bg) o, сини (bg) mv Catalaans: blau (ca) m, blava (ca) v Cherokee: ᏌᎪᏂᎨ (chr) Chinees: (zh) Deens: blå (da) Duits: blau (de) Engels: blue (en) Esperanto: blua (eo) Estisch: sinine (et) Fins: sininen (fi) Frans: bleu (fr) m Fries: blau (fy) Grieks: γαλάζιος (el) m, γαλανός (el) m, μπλέ (el) m Hebreeuws: כחול (he) m Hindi: नीला (hi) m Hongaars: kék (hu) Ido: blua (io) Iers: gorm (ga) IJslands: blár (is) Indonesisch: biru (id) Italiaans: blu (it), azzurro (it) Japans: 青い (ja) Javaans: biru (jv) Koerdisch:Kirmanci: şîn (ku) Sorani: شین (ku) Koreaans: 푸르다 (ko), 파랗다 (ko) Kroatisch: plav (hr), modar (hr) Latijn: caeruleus (la) m Lets: zils (lv) Macedonisch: сина (mk) Mongools: цэнхэр (mn) Navajo: blui Nedersaksisch: blauw (nds), blao (nds), blo' (nds) Noors: blå (no) Nynorsk: blå (nn) Oudnoords: blár Pennsylvania-Duits: bloh (pdc) Perzisch: آبی (fa) Pools: niebieski (pl) m, błękitny (pl) m Portugees: azul (pt) Roemeens: albastru (ro) m, azuriu (ro) Russisch: синий (ru), голубой (ru) Schots-Gaelisch: gorm (gd) Servisch:Cyrillisch: плав (sr) m Westers: plav (sr) m Sloveens: moder (sl) m Slowaaks: belasý (sk), modrý (sk) Spaans: azul (es), celeste (es) Tagalog: bughaw (tl) Tok Pisin: blu (tpi) Tsjechisch: modrý (cs) Turks: mavi (tr) Urdu: نیلا (ur) m, نیلى (ur) v Vietnamees: xanh (vi), xanh lam (vi) Welsh: glas (cy) Zweeds: blå (sv)

iemand bont en blauw slaan

Kleuren in het Nederlands (nld) (de kleuren zijn slechts indicatief) (zie ook: RAL-kleuren)

Werkwoord

vervoeging van
blauwen

blauw

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van blauwen
    • Ik blauw.
  2. gebiedende wijs van blauwen
    • Blauw!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van blauwen
    • Blauw je?

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[8]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. blauw op website: Etymologiebank.nl
  2. blauw op website: Etymologiebank.nl
  3. "blauw" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3

  4. Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de Herengracht” (2022), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024586332

  5. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704

  6. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  7. Bronlink geraadpleegd op 22-05-2021 Weblink bron
    Henri Hubert van Kol
    “Uit onze koloniën : uitvoerig reisverhaal” (1903), Sijthoff, p. 770 op Delpher.nl op Wikipedia
  8. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Achterhoeks

enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de kleur blauw hebbend

Nedersaksisch

enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet
Schrijfwijzen

Meer informatie

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de kleur blauw hebbend
Schrijfwijzen

Sallands

enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de kleur blauw hebbend

Twents

enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de kleur blauw hebbend

Veluws

enkelvoud meervoud
naamwoord blauw blauwen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de primaire kleur die zich in het spectrum bevindt tussen cyaan en violet

Bijvoeglijk naamwoord

blauw

  1. (kleur) blauw; de kleur blauw hebbend